Oorsprong
Dit is een oude koptische icoon. Ze werd in de 19e eeuw gevonden in de ruïne van een koptisch klooster in Bauein, in de Egyptische woestijn. De persoon aan de rechterhand van Jezus is, zo wordt verondersteld, de abt van het klooster, Menas. Het origineel van de icoon kan in het Louvre in Parijs worden bekeken. Het is een van de oudste iconen die bewaard is gebleven: uit de 6e of 7e eeuw. De warme, oranje kleuren zijn opvallend. Het is bijna een moderne icoon, zou je denken. De twee figuren op de icoon vallen op door hun ongewone directheid en nabijheid. Ze zijn veel kleiner en menselijker dan we meestal op iconen zien.

Abt Menas
De rol die de abt Menas in zijn hand houdt is waarschijnlijk een kloosterregel. Hij heeft zich zo laten boeien door zijn vriend, dat hij zelf een broeder voor anderen is geworden. Zijn krachtige blik is naar de mensen gericht. Met zijn rechterhand geeft hij een zegen: wie met Jezus meetrekt door het leven, wordt een zegen van God voor anderen.

Jezus gaat aan onze zijde
De persoon naast Jezus staat echter ook symbool voor ieder van ons. Jezus en zijn vriend zijn on-zichtbaar voor elkaar. Ze kijken niet naar elkaar. Het is geen ‘sentimentele’ relatie. Jezus kijkt zijn vriend niet aan, maar gaat aan zijn zijde. Hij vergezelt ons, zelfs als we hem niet voelen, zonder zijn aanwezigheid op te dringen, zoals hij naast de leerlingen op weg naar Emmaüs wandelde (Lucas 24:15-16). Jezus blijft aan onze zijde, als een bescheiden iemand, zelfs als we hem niet herkennen. Zijn aanwezigheid is onvoorwaardelijk, onafhankelijk van het feit of we hem voelen of niet.

Gericht op de toekomst
Zowel Jezus als zijn vriend zijn gericht op wat vóór hen ligt. Ze zijn samen op weg. Dit wordt be-nadrukt door de verschillende kleurenvlakken van de icoon. Al hetgeen gebeurd is, ligt achter hen, zelfs de laatste minuut. Het donkerste middenvlak van de icoon ligt als een verre weg achter hen. Door ons doopsel is ons verleden al ondergedompeld in Gods onmetelijke vergeving (Romeinen 6:3-4). Het lijkt zelfs alsof Jezus zijn vriend voorzichtig voortduwt met zijn arm op zijn schouder, alsof hij wil zeggen: “Wees niet bang, want ik ben bij je” (zie Jesaja 43:1-5a). “Blijf niet staan bij wat eertijds is gebeurd, laat het verleden nu rusten. Zie, ik ga iets nieuws ver-richten, nu ontkiemt het – heb je het nog niet gemerkt? Ik baan een weg in de woestijn, maak rivie-ren in de wildernis” (Jesaja 43:18-19). Wat achter ons ligt is al verleden, is gebeurd. Alleen de weg voor ons is helder. Maar die is heel smal. Het lijkt erop dat Jezus en zijn vriend nog maar net aan hun nieuwe weg zijn begonnen. Alleen de weg van vandaag is belangrijk: “Kijk niet achterom…” (vgl. Lucas 9:62).

Jezus’ arm
Jezus en zijn vriend kijken niet naar elkaar, maar hun relatie is niet afstandelijk of koud. Jezus’ na-bijheid wordt uitgedrukt door de arm die hij om de schouder van zijn vriend legt. Een arm, die zote-zien niet op hem weegt. Integendeel, de arm lijkt hem voort te dragen, door alles heen. Jezus’ arm is het zachte juk waarover hij sprak: “Neem mijn juk op je en leer van mij, want ik ben zachtmoedig en nederig van hart. Dan zullen jullie werkelijk rust vinden, want mijn juk is zacht en mijn last is licht” (Matteüs 11:29-30).

Het evangelie en het kruis
Jezus heeft een rijk versierd boek in zijn linkerarm, zoals een evangelieboek dat wordt gebruikt voor de plechtige verkondiging van het Evangelie tijdens de liturgie. Jezus brengt de blijde boodschap van het evangelie (zie Lucas 4:17-19). Jezus is een vriend, maar ook als vriend blijft hij onze ‘Leraar’ en ‘Heer’. Jezus’ evangelie wordt volbracht aan het kruis. In het midden van de icoon, bovenaan, kun je een kruisje zien. Maar in de icoon kun je ook een onzichtbaar kruis zien. De verticale balk loopt in het midden, tussen Jezus en zijn vriend. De horizontale balk loopt over hun schouders, en wordt gedeel-telijk gevormd door Jezus’ arm op de schouder van zijn vriend. De relatie tussen Jezus en zijn vriend wordt gekenmerkt door het kruis, door Jezus’ trouwe liefde tot het einde toe, zonder voorbehoud (zie Johannes 13:1), een liefde die ‘ja’ blijft zeggen, zelfs als wij ‘nee’ zeggen. “Al zouden de bergen wijken en de heuvels wankelen, mijn liefde zal nooit meer van jou wijken en mijn vredesverbond is onwankelbaar” (Jesaja 54:10). Het zachte juk van Jezus wordt nu zijn kruis. Het is ‘zacht’, want Jezus zelf staat naast ons onder het juk: hij draagt het samen met ons.

Jezus’ ogen
Kijk naar Jezus’ ogen. Ze zijn erg open, vriendelijk en doordringend. Het evangelie merkt de blik van Jezus vaak op (zie bv. Marcus 1:16-20; Lucas 19:5; Marcus 10:21, enz.). Het is alsof Jezus’ ogen ons twee dingen willen zeggen: • Jezus’ ogen zijn gericht op Gods toekomst, op Gods koninkrijk. Hij nodigt ons uit hetzelfde te doen: om met hem dezelfde kant op te kijken, over de twijfels en tegenstellingen heen waar we op dit moment misschien doorheen gaan. • Tegelijkertijd kijken Jezus’ ogen naar elk van ons die voor de icoon bidt. Alsof ze willen zeggen: “Laat mij naar jou kijken. Blijf daar waar je bent en bid. Vlucht niet weg, ren niet voor jezelf weg. Wees hier zoals je nu bent, zelfs als je nu niet kunt bidden. Laat jezelf bidden door mij en laat je door mij aanschouwen.”

Een innerlijke zekerheid
Met deze icoon bidden geeft ons een innerlijke zekerheid: “Dit is ook mijn verhaal, het verhaal van Jezus’ vriendschap voor mij.” We werden gezien en geroepen door Jezus. We zijn met hem meege-gaan als zijn leerlingen. Als we achterom kijken, weten we hoeveel mislukking, pijn en lijden er in ons leven geweest kan zijn. Maar omdat Jezus ons aan zijn zijde houdt met zijn trouwe liefde, mo-gen we ook horen hoe hij tegen ons zegt: “Ik noem jullie geen dienaren meer (…); vrienden noem ik jullie” (Johannes 15:15). Zijn hand om onze schouder, zijn trouwe nabijheid, zijn kracht en zijn liefde zijn de enige dingen die er toe doen. Ons aan hem toevertrouwen als een vriend, met hem door het leven gaan naar de Vader, een zegen zijn voor anderen: dát is het echte leven!

Pelgrimage van vertrouwen
Met deze icoon kunnen we kleine pelgrimstochten van vertrouwen maken, van de ene kerkgemeen-schap naar een andere, in een ziekenhuis, in een tehuis voor kinderen die aan hun lot zijn overgela-ten, op andere plaatsen waar mensen lijden. Dit eenvoudige middel kan ons helpen de blijde bood-schap van het evangelie uit te dragen en onderling te delen.


Gebed
Christus, met een liefde die is van alle tijden, houdt U van elke mens.
U vergezelt ons op de wegen van ons bestaan.
In het evangelie geeft U ons de verzekering: “Ik ben met jullie alle dagen tot het einde der tijden.”
En U zegt ons ook: “God geeft jullie de heilige Geest, de Trooster, die woont in jullie harten.”
Dan zouden wij op onze beurt willen kiezen voor liefde, kiezen voor hoop. (Gebed van frère Alois)