Johannes 1: 19 – 28 en Jesaja 2: 2 – 5                               RBK, 10 december 2017

Doop van Timo Levi Spek
Gebed van toenadering
Advent vieren, God,
Is verlangen naar
Dichterbij komen.
Wij dichter bij U
U dichter bij ons.
Om elkaar warm te houden
Tegen de kou in,
Om elkaar mens te helpen zijn
Tegen de onmenselijkheid in.
Eeuwige, Vader, Moeder,
Schenk ons leven.
 
Amen
 
Gebed om ontferming
Jeruzalem, stad van de vrede, meer dan ooit weer twistappel
Codes, gevaren, risico’s
Van binnen koud, ongeïnspireerd, voorbij leven aan
 
Tekst:
Johannes 1: 25 ‘Waarom doopt u dan…?’
 
Thema van de preek:
Dopen is niet verdacht maar geeft te denken…over ons visioen voor het leven.
Gemeente van onze Heer, Jezus Christus,

1.
Dopen is verdacht…
In ieder geval bij Johannes de Doper, in zijn tijd.
Hoe zit dat bij ons, in onze tijd?
Ellen, onze ouderling van dienst vanmorgen, heeft bij het welkom aan het begin van de dienst gezegd dat het een feestelijke dienst zou worden vanwege de doop van Timo.
En bij de deur werd u welkom geheten door heel vertrouwde gezichten van Freek en Bep – Freek heet al 50 jaar mensen welkom in diverse kerkgebouwen – en gelukkig was er geen politie of binnenlandse veiligheidsdienst te zien.
Bij ons is dopen een feest.
Wij zouden dat ook wel vaker mee willen maken en we kunnen waarschijnlijk allemaal wel mensen en kinderen bedenken met wie we graag hun doop zouden vieren…
Dopen is niet vanzelfsprekend meer.
Het is bij ons ook niet verdacht.
Maar dopen zet je wel aan het denken.

2.
Bij Johannes kwam er een onderzoekscommissie uit Jeruzalem.
Waarom doop jij?
En het verhoor begint met drie keer vragen naar zijn identiteit.
Wie ben jij?
Johannes wordt ervan verdacht dat hij denkt dat hij de Messias is, of Elia of ‘de profeet’.
Alle drie zou verdacht zijn, want dan zou hij één van die vele figuren zijn die in opstand kwamen tegen de bezettingsmacht van de Romeinen, tegen de gevestigde macht van de priesters in Jeruzalem, tegen de bestaande verhoudingen.
Daar tegenin zou hij dus vragen om verandering en vernieuwing.
En daar hebben de opdrachtgevers van de onderzoekscommissie het niet op.
Johannes kan op al die de verdenkingen ‘nee’ zeggen.
Hij is niet de Messias, ook Elia niet en ook niet ‘de profeet’
Verderop in het Evangelie zoals Johannes dat beschrijft, blijkt dat Johannes wel discipelen heeft, volgelingen die in hem ook wel een verlosser zouden kunnen zien.
Maar hier spreekt Johannes met klem uit, hij belijdt: ik ben de Messias niet.
Hij wijst, nog een beetje raadselachtig geformuleerd – in uw midden staat iemand die u niet kent, die na mij komt – hij verwijst naar Jezus.
Hij is geen concurrent van Jezus.
Hij voelt zich juist met Jezus verbonden.

3.
Daarvoor verwijst hij naar een programma, een visioen van de profeet Jesaja, een visie op wat en hoe het leven zou moeten zijn.
Vorige week lazen we hier in de kerk dat visioen al, over troost als hoop en verwachting.
Vandaag lazen we van diezelfde profeet Jesaja dat beroemde visioen over die smederij waar van zwaarden en speren landbouwwerktuigen worden gemaakt.
Wat zouden we vandaag voor een gigantische fabriekshallen nodig hebben om alle producten van het militair-industrieel complex (de raketten van Noord-Korea en Amerika, de nucleaire industrie van Europa, Amerika, Pakistan, India en Iran om nog maar niet te spreken over de Kalasjnikovs van terroristen en de tanks en de bommen van IS) om te zetten in installaties om water te zuiveren, de woestijn te bevloeien, de zee schoon te maken, de plastic soep te verwijderen, de grond te saneren en ons voedsel veilig te produceren zonder gevaar voor mensen en dieren op het land, in de zee of in de lucht.
De onderzoekscommissie vraagt Johannes naar zijn identiteit en ze krijgen een verwijzing naar een geweldig programma.

4.
Wij stellen vandaag nog steeds vragen aan ouders bij de doop.
Ik heb met Daniëlle en Michaël het doopgesprek gevoerd, gevraagd naar wat voor hen het belangrijkste is bij het dopen van Timo, wat vooral is blijven hangen van de doop van Jasper, hun oudste, en hoe het gaat met de geloofsopvoeding.
En dat doe ik niet als een inspecteur namens de kerkenraad die wil checken of wel aan de voorwaarden voor de doop wordt voldaan.
Nee, zo’n doopgesprek gaat vooral over hoe we als gemeente om doopouders heen kunnen staan, hoe we met hen verbonden kunnen zijn, hoe we kunnen helpen en stimuleren om kinderen vandaag de dag iets mee te geven van dat vertrouwen op God, van de verbondenheid met Jezus en van de inspiratie van Gods Geest.
Straks zullen ze ja zeggen op de vraag of ze samen, zij als moeder en vader met hun kinderen, maar ook met ons, de weg willen zoeken die God met zijn mensen wil gaan.
Dan zijn we ver weg van de inspectie en aangekomen bij het visioen, de visie, de hoop waarmee je kinderen mag opvoeden in deze wereld.

5.
Als vroedvrouw is Daniëlle betrokken bij de geboorte van veel kinderen.
Maar als je zelf opnieuw vader en moeder wordt besef je extra hoe bijzonder het wonder van het leven is.
En tegelijkertijd hoe vol risico’s de wereld is waarin zo’n nieuw leven van start gaat.
Een klassieke formulering uit een doopformulier sprak over: nieuw leven dat in zonde ontvangen en geboren werd.
Dat is wel uitgelegd als negatief denken over seksualiteit.
Maar waar het echt over gaat is dat alles wat mooi en goed kan zijn zo enorm onder druk en dreiging staat in onze wereld.
Dat voel je als ouders ook.
En hoe je je kind ook wilt opvoeden, vooral voor wat goed en mooi is, je weet dat het zich zal moeten weren in die wereld waarin alles en iedereen risico’s loopt.

6.
Dan wordt de gemeente belangrijk.
De gemeenschap van mensen die de visoenen van Jesaja kennen.
En de goddelijke menselijkheid van Jezus kennen en die onverwoestbare inspiratie van Gods Geest die troosten wil en verzet bieden aan wat het leven bedreigt en beschadigt.
En ja, dan voelt af en toe, of vaak, als roepen in de woestijn.
Hallo, is er nog iemand die ook verlangt om zo samen kerk te zijn dat je het licht en de liefde viert en je daarom inzet voor wat mensen en het leven goed doet?
En ja, dat voelt af en toe, of vaak, als een weg aanleggen in een woestijn waar mensen onverschillig omgaan met andere mensen, rotzooi maken en achteloos achter zich laten, waar het leven dor en uitzichtloos is geworden.
Daniëlle houdt van Opwekkingsliederen omdat daarin de opgewekte kant van het geloof zo sterk naar voren komt.
Jullie hebben je zoon Timo Levi genoemd.
Timo: afkorting van ontzag hebben voor God, God een aparte plaats geven
En Levi: hij die zich aansluit en aanhankelijk is.
Margreet zal straks een lied zingen over het verbond.
Vanwege het besef dat je elkaar nodig hebt om tegen het donker in te zingen, te bidden en te spreken, op te staan en te doen wat je kunt doen om iets van het visioen van Gods profeten en van Jezus te helpen gebeuren.

7.
Dopen is hier goddank niet verdacht.
Maar het zet je wel aan het denken.
Wie ben jij, dat je hier bent om je kind te laten dopen.
Wie zijn wij, mensen die gedoopt zijn?
Wie zijn wij als wij om doopouders heen staan?
Het zijn geen vragen van de inspectie, laat staan van de inquisitie.
Het zijn wel vragen van introspectie.
En van Advent.
Laat uw licht en uw liefde schijnen…
waar U bent zal de nacht verdwijnen
Jezus licht van de wereld vernieuw ons
levend woord ja Uw waarheid bevrijdt ons
schijn in mij, schijn door mij.

8.

En van Johannes de Doper leren we dat we kunnen en mogen verwijzen.
Nee, wij zijn de Messias niet, heiligen zijn we ook niet.
Er is van alles over ons en over de kerk te zeggen, over wat niet deugt aan ons en aan de kerk.
Maar we proberen wel dat visioen vast te houden van leven en vrede voor iedereen.
Jesaja sluit dat visioen van het omsmeden van wapens tot instrumenten van vrede af met de zin:
Zij zullen de oorlog niet langer leren…
Omdat ze zich laten onderrichten door de Thora, de wet van God, richtsnoer voor het leven.
Leren…
Heiligen zijn we niet.
Leerlingen wel; leerlingen die kiezen bij wie ze in de leer willen gaan.
Die na Johannes kwam, dat was nog eens een meester!
 
Amen