Johannes 20 RBK, 21 april 2019

Gebed van toenadering

Kyrië-gebed

Met de kinderen
Opstanding
Hoe help je iemand op te staan

Oefening in opstaan
Wie gaat er liggen
Dan elkaar omhoog helpen.

Belangrijk: de aandacht waarmee je dat doet.
Iemand even aan de handen omhoogtrekken is gauw klaar.
Maar als je het doet met aandacht voor voeten en knieën, hoofd en nek, rug en schouders dan wordt opstaan een mooie ervaring.
Dan zie je hoe mooi een mens is.
En degene die geholpen wordt om op te staan gaat daar meestal ook blij van kijken…

Wie gaat staan en wie helpt op te staan.

Tekst: Johannes 20,17

Thema: Geen gesleep met Jezus; leef met Hem

Gemeente van onze Heer, Jezus Christus,

1.
Had ze het maar wèl gedaan…
Had Maria Jezus nou maar vastgepakt.
Dan was Pasen misschien een beetje ‘grijpbaarder’ geworden.
Het is nu soms zo moeizaam om uit te leggen wat opstanding betekent.
Er zijn veel barrières bij het uitleggen van Opstanding, maar de rationele barrière, het onbegrijpelijke en volgens onze maatstaven onmogelijke van een lichamelijk opstanding, van een dode die weer levend wordt, is wel één van de grootste barrières.
Als Maria Jezus nu had kunnen vasthouden en daar verslag van had gedaan zou het dan niet overtuigender zijn geweest?
Dat geldt overigens ook van die andere verhalen over Jezus aanwezigheid, zijn verschijningen aan de discipelen, na zijn dood.
Hadden ze hem nou maar gevraagd om uit te leggen hoe het kon dat hij er weer was en hoe die opstanding in zijn werk was gegaan.
Dan hadden we tenminste bewijs gehad.
Dat zou de mensen meer hebben overtuigd, dan was het met het geloof ook makkelijker zijn geweest.
Dan hadden we tenminste ‘feiten’ in handen gehad.

2.
Zou het waar zijn?
Zouden meer mensen geloofd hebben in het evangelie, in God?
Zou het makkelijker zijn geweest om mensen te overtuigen?
Ik weet het niet, maar ik neig ertoe om te denken dat ook dan mensen nog niet zomaar christen zouden worden.
Als het gaat over geloof, over levensbeschouwing, over de basisovertuiging waarmee wij in het leven staan en naar de dingen kijken dan weet ik niet of de ratio, de verstandelijke afweging, de feiten wel zo leidend zijn.
Niet de feiten alleen bepalen hoe wij denken en wat wij zien.
Het is ook onze interpretatie, onze uitleg van wat we zien en de consequenties die we daaraan verbinden.
En waar dat dan vandaan komt?
Ja, voer voor psychologen en soms ook vrachten werk…
Niet de feiten alleen bepalen wat wij denken en wat wij zien.
En daar gaat Pasen natuurlijk wel heel erg over: hoe kijk je naar het leven, naar jezelf, naar de andere naar heel de wereld om je heen?
Dat is voor jezelf ook vaak al niet zo grijpbaar, zo klip en klaar.
Als je over je kijk op het leven met elkaar in gesprek raakt met anderen, zijn er altijd weer verschillen van opvatting, verschillen in de uitleg van de dingen, van afwegen wat je wel en wat je niet belangrijk vindt.
Laat staan dat je het kunt hebben over het ‘waarom’ dat daar achter zit.

Vanmorgen gaan we in gesprek met de evangelist Johannes en de apostel Paulus.
Om erachter te komen wat zij nou zo belangrijk hebben gevonden in de manier waarop zij het Paasevangelie hebben doorgegeven.

3.
Eerst even: wat betekent dat ‘houd mij niet vast’?
Het woord voor vasthouden in het Grieks dat Johannes hier gebruikt kan ook nog ‘aanraken’ betekenen.
‘Raak mij niet aan’.
Stelt Jezus zich ineens afstandelijk op?
Is hij ineens zo heilig geworden dat Maria niet meer mag doen waar Jezus zelf zo goed in was?
Jezus heeft toch altijd mensen aangeraakt, zelfs of juist mensen om wie iedereen met een bochtje heenliep.
Melaatsen, blinde bedelaars aan de kant van de weg, zieken, zelfs een dood kind?
Dat waren heilzame, helende aanrakingen.
Mocht Maria hem dan nu ook niet eens heilzaam aanraken?
Want dat kan het woord dat Johannes gebruikt ook betekenen:
Haptomai, vasthouden, maar ook heilzaam, helend aanraken.
Er zijn mensen die daar in onze tijd hun werk van gemaakt hebben: haptonomen.
Via heilzame aanrakingen gaan mensen zich beter voelen.

Wie weet niet hoe heilzaam het kan zijn als je even ‘goed’ wordt vastgehouden, een arm om je schouder, een stevige hand, een omhelzing, een lijf tegen jouw lijf, liefde.
Jezus die zelf zo goed was in heilzaam aanraken zou het dan nu de aanraking van Maria weigeren?

4.
De meeste uitleggers houden het erop dat ‘houd me niet vast’ in deze tekst van Johannes toch de beste vertaling is.
Dat Johannes het niet over heilzaam of helend aanraken heeft.
Jezus is juist ‘heel’ geworden door de opstanding.
Het ‘houd me niet vast’ heeft meer te maken met hoe Maria eerder heeft gesproken over het dode lichaam van Jezus.
Direct aan het begin al van Johannes 20 zegt ze: ‘Ze hebben de Heer uit het graf weggehaald en we weten niet waar ze hem hebben neergelegd.
Ook tegen de engelen in witte kleren zegt ze dat weer: ‘Ze hebben mijn Heer weggehaald en ik weet niet waar ze hem naartoe hebben gebracht.
En als ze denkt dat ze de tuinman voor zich heeft, vraagt ze hem: Als u hem hebt weggehaald, vertel me dan waar u hem hebt neergelegd.
Die woorden weghalen, ergens naartoe brengen, neerleggen, dat klink bijna als ‘slepen’.
Gesleep met een dood lichaam.
Dan is het bijna een ‘ding’ geworden.

En dan begrijpen we dat ‘houd me niet vast’ wél.
Maria spreekt over Jezus als iemand die ze helemaal in haar vingers, in haar handen heeft.
Als een overledene, als een dode die niet meer levendig bij haar is
Maar Jezus is geen dood lichaam meer.
Die ‘dode’ Jezus moet ze loslaten.

5.
Dat vasthouden begrijpen wij ook wel in overdrachtelijke zin.
Jezus’ opstanding betekent dat ze de Jezus zoals ze hem kende niet meer in haar vingers heeft, ze moet die oude gedaante van hem loslaten.
Dat is moeilijk: oude beelden van God los moeten laten kan voelen alsof je alles kwijtraakt.
Of wij keren het vaak om: als we in onze seculiere wereld niet meer in God kunnen geloven op de manier waarop we dat van huis uit meegekregen hebben, of op de catechisatie ooit geleerd, of in preken gehoord of waar we die beelden van God dan ook maar vandaan hebben, dan laten we die beelden wel los, maar dan is de consequentie dat we ook alles kwijt zijn.
Als we het niet meer kunnen begrijpen zoals we dat vroeger deden, als we ‘ontdekt’ hebben dat dat ‘natuurlijk helemaal niet waar kan zijn’ volgens onze logica of wetenschap, dan laten we alles los.
Dan komen we niet meer toe aan een ruimer, een levendiger beeld van God
Dan worden we atheïst of op zijn minst agnost.; dan weten we het niet goed meer.

Jezus zegt hier zelf: houd me niet vast.
Houd me niet vast in mijn dood-zijn.
Ik ben nog niet opgestegen naar de Vader…
Daar brengt Jezus die andere dimensie in zijn leven ter sprake, die met Pasen zichtbaar wordt.
Pasen gaat over een radicaal nieuw begrip van wie Jezus is.
Hij is nog niet opgestegen naar de Vader.
Na het nee van de wereld tegen zijn manier van leven en spreken; als de wereld hem niet gewild heeft – weg met hem, aan het kruis met hem – blijkt zijn leven verborgen in God.
En dat betekent dat God het nee van de wereld onderuithaalt met een duidelijk ja tegen het leven dat Jezus heeft geleid.
Nu worden het leven van Jezus en God in elkaar geschoven.
Dat wil zeggen dat nu duidelijk wordt dat wat Jezus deed, wat hij zei, hoe hij leefde laat zien wat God wil en wie God is.
Daar zit geen kier meer tussen.

Zo is Pasen ook beleefd door de eerste christenen.
We krijgen geen interview met Jezus, geen feitelijke uitleg, geen wetenschappelijke verklaring, geen logica.
De discipelen en apostelen proberen niet te overtuigen; zij getuigen.
Zij zeggen: als wij nu terugdenken aan wat Jezus zei en deed, zoals hij met mensen omgaat, daarvan kunnen wij nu zeggen: Jezus, daar gaat God!
Wij hebben geen sluitend bewijs maar wel de overtuiging dat Jezus geen dood lichaam is, maar een kracht van God.
Dat is zijn glorie, zijn heerlijkheid.
We hebben Jezus niet in onze vingers, we kunnen niet met hem ‘slepen’ als met een dood lichaam.
Voor Jezus geen graf, geen mausoleum, geen pelgrimsplek…

6.
Jezus eerste woorden na zijn opstanding gaan over God, die ook onze God is!
Over de kracht van de Vader die ook onze vader is.
Want de verbinding met Jezus, is de verbinding met zijn Vader, de kracht van God, de heilige Geest.

Paulus zegt dat het leven van Jezus – en dus ook onze levens – verborgen is in God.
Dat klinkt als een soort ‘weg van de wereld’.
Maar dat is niet de bedoeling.
Verborgen in God heeft als doel dat Gods kracht tevoorschijn komt.
Dat Gods kracht, ook in ons zichtbar wordt op aarde.
Dat noemt Paulus onze heerlijkheid, onze luister of glorie.
Die mag openbaar worden, zichtbaar en publiek.

Natuurlijk is er veel verdriet en lijden in het leven van mensen.
Daar hebben we net 40 dagen bij stil gestaan.
Maar één van de heel sterke trekken van het christelijk geloof is de aandacht voor de glorie van de mens; Gods kracht die in mensen zichtbaar wordt.

7.
We zien het ook gebeuren: Maria, nog in de war, nog met die oude beelden, met dat willen zorgen voor het lichaam van een overledene, zij krijgt de opdracht van Jezus om aan de discipelen te gaan vertellen dat hij leeft.
Er komt nieuwe glans in haar leven.

Donderdagavond keken we hier samen in de kerk naar The Passion zoals die opgevoerd werd in Dordrecht.
Nadat Jezus in het licht was verschenen, hoog op de toren van de grote kerk en er werd gezongen: ik laat je niet alleen of je bent nooit alleen, lieten ze nog beelden zien van een jongere die iemand in een verpleegtehuis hielp met eten.
En van een jonge vrouw die een andere jonge vrouw duwde in een rolstoel.
En nog iemand die naast iemand anders aan de bar schoof om samen een biertje te drinken.
En je zag de glans terugkomen in het leven.
En ze glansden allemaal, niet alleen de vrouw in de rolstoel maar ook de vrouw erachter, niet allen de jongen die hielp met eten maar ook de mevrouw die geholpen werd, beide mensen aan de bar; ze glansden.
Shinen doe je niet alleen, zoals het op Facebook vaak lijkt te zijn.
Glanzen doe je samen.

Het gaat met Pasen niet om het krampachtig vasthouden aan oude beelden.
Niet om Jezus te willen bezitten.
Wel om zijn kracht, de kracht van God in je leven toe te laten.

8.
In de Open Deur, die we vorige week met een bloemetje bij veel mensen hebben bezorgd, zag ik een icoon van de Opgestane heer,
De witte figuur in het midden is Jezus, in zijn glorie.
Hij is daar in het dodenrijk en helpt mensen op te staan.
Vooraan zien we Adam.
Daarachter staan koning David en koning Salomo en nog anderen.

Het bijzondere van deze icoon is dat Jezus Adam niet bij de hand pakt om op te staan.
Nee, Jezus pakt Adams pols.
Aan de pols voel je of iemand leeft.
En daarbij houdt Adam dus zijn hand vrij
Om anderen mee aan te raken.
Hoe heilzaam kan dat zijn…
Amen.