1 Samuël 26 en Lucas 18 vs. 9 – 14                                           RBK, 27 oktober 2019

Wintertijd is vannacht ingegaan.

 

Thema van de dienst:

Een vader (moeder) heeft twee kinderen… dat leert ons goed naar elkaar kijken

 

Gebed van toenadering

Eeuwige, de tijd een uur verzetten is voor ons al wennen.

Wat is het dan en avontuur om ons eigen leven en onze tijd in het perspectief van uw tijd, uw eeuwigheid te zetten God.

Wij willen graag geloven dat onze tijden in uw hand zijn.

Zet ons leven en onze tijd in het perspectief van uw liefde.

Door Jezus Christus, onze Heer,

Amen

 

Kyrie-gebed

Onrust, protesten, zorgen.

Wereldwijd, dichtbij, vanbinnen.

Ziekte, zorg, ongeluk.

Zoveel kansen en zo veel nog onaf, onvoltooid.

Stukken en brokken van ons leven.

Breng er weer patroon in en tekening in.

Van liefde, recht en vrede.

 

Daarom bidden wij en zingen…

 

Gebed van de zondag

 

Met de kinderen

Ik wil graag even met jullie nadenken over een moeilijke vraag.

Ik kom uit een groot gezin, tien kinderen, 3 zussen en 6 broers (7 jongens).

En af en toe zei mijn moeder wel eens; ik houd van jullie allemaal evenveel.

Als ik heel eerlijk ben, moet ik zeggen dat ik wel eens dacht: zou dat nou kloppen?

Ik zelf vond niet iedereen altijd even lief.

En ik kon ook wel eens jaloers zijn op een broer of een zus als die een pluim kregen.

Misschien was het andersom ook wel zo: dat mijn broers of zussen wel eens hebben gedacht; hij krijgt een pluim en dat wil ik ook…

 

Wat denken jullie kunnen een vader of een moeder evenveel van al hun kinderen houden?

Of laten we zeggen de juf op school of de meester: vinden die alle kinderen van de groep even aardig?

 

Het hoort wel zo!

Ieder kind is een kind van de vader en de moeder en moet het hebben van de liefde van de ouders.

En alle kinderen in de klas moeten zich fijn kunnen voelen in de groep bij de juf of de meester. Ze moeten allemaal veilig kunnen leren.

Lievelingetjes voortrekken hoort niet want dan voelen anderen zich achtergesteld.

 

Soms zit het misschien ook een beetje bij onszelf.

Dat wij erg ons best doen om te horen dat iemand blij met ons is.

 

In Bijbelverhaal van vandaag gaat het over twee mensen die zich afvragen hoe God, de vader in de hemel zeg maar, over hen denkt.

Wie zou God nu aardiger vinden, mij of iemand anders?

De boodschap is dat God een goede vader is, met liefde voor al zijn kinderen.

 

De wereld kan er stukken leuker van worden als wij zouden leren om wat meer op die manier naar elkaar te kijken.

Dat God van ieder mens houdt.

Dan leer je anders naar elkaar kijken.

Als God haar leuk vindt, waarom ik dan niet?

En als God mij leuk vindt, dan kan ik daardoor misschien ook wel beter anderen ook leuk vinden.

 

Jullie hebben het er wel over in de Kindernevendienst.

 

Inleiding op de lezing

Al vanaf de startzondag in september lezen we uit de verhalen over Saul en David, de eerste twee koningen van het volk Israël.

Die gaan vooral over de spanningen tussen die twee mannen

Op 13 oktober heeft collega Rian Veldman gepreekt over het verhaal dat Saul met 3000 soldaten achter David en zijn groep van ongeveer 600 mensen aanzat.

Dat was 1 Samuel 24.

Op een gegeven moment komt Saul de grot binnen waar David verborgen zit om zijn behoefte te doen.

David snijdt dan een stuk van Sauls mantel af maar hij doodt Saul niet.

Dat wil hij niet omdat Saul een ‘Gezalfde van de Heer’ is.

 

Vandaag is hoofdstuk 26 aan de beurt.

En dat is eigenlijk een herhaling van het verhaal van 2 weken geleden.

Het wordt iets anders verteld maar er zijn wel erg veel, ook letterlijke, overeenkomsten.

Weer gaat Saul met 3000 soldaten achter David en zijn mensen aan.

Het verschil is dat David nu ’s nachts met één van zijn mannen het legerkamp van Saul binnensluipt en tot in de slaaptent van de koning doordringt.

Alle soldaten, inclusief generaal Abner, snurken door alles heen.

David zou een aanslag kunnen plegen op de koning met Sauls eigen speer die naast het veldbed van de koning staat.

Davids compagnon wil dat maar al te graag voor David doen.

Maar David verbiedt het hem omdat Saul ‘een gezalfde van de Heer’ is.

Ze nemen de speer en waterkruik bij het bed van de koning mee en maken dat ze wegkomen.

 

Dan… vers 13 vv.

Maurice leest voor!

 

Gemeente van onze Heer, Jezus Christus,

 

1.

Wat was nou eigenlijk het conflict tussen Saul en David?

Was het een koningsdrama, een strijd om de opvolging, een generatieconflict?

Op de startzondag, 8 september, zijn we begonnen met het verhaal over de zalving van David.

Saul was nog koning maar de profeet Samuël ging in opdracht van God alvast en opvolger voor hem tot koning zalven.

Dan zijn er dus twee ‘Gezalfden des Heren’ twee koningen.

De ene zit al in het paleis en de andere komt stapsgewijs aan het hof.

Omdat hij mooi harp kan spelen of omdat hij een goed soldaat is en succes heeft in de oorlog met de Filistijnen, de vijanden van Israël.

 

Onder die lijn in het verhaal loopt een andere lijn die voor het verhaal over ‘koning zijn in Israël’ veel belangrijker is, namelijk: wie is de beste herder?

Wie hoedt en behoedt het volk nou eigenlijk?

Want daar gaat het om bij koning zijn, niet om de positie en de macht, maar om hoe er ‘ge-herderd’ wordt.

Hoe wordt er geregeerd?

Hoe wordt er voor de mensen opgekomen; wat komt er terecht van mooie woorden? Worden de belangen van álle mensen mee gewogen, is er een visie voor de korte en voor de langere termijn, wordt iedereen gehoord – boeren en bouwvakkers, de zorg en het onderwijs?

Worden de lasten goed verdeeld over sterke en zwakke schouders, zijn er kansen voor de komende generaties?

Wordt de aarde goed bewaard en wordt iedereen daarbij ingeschakeld?

Dat hoort allemaal bij goed herderen, in Israël, in Washington en Den Haag, in Bolivia en Venezuela, in Beijing en Moskou, in Addis Abeba en Kaapstad.

 

2.

Maar is het conflict tussen Saul en David wel een generatieconflict, een strijd tussen het oude regiem en een nieuwe generatie machthebbers?

In ons verhaal lijkt Saul met zijn gedachten vooral op die lijn te zitten.

Als hij vroeg in de ochtend David en Abner tegen elkaar hoort roepen en schelden over het ravijn heen, komt hij uit zijn tent naar buiten en roept:

Is dat jouw stem die ik daar hoor David, mijn zoon?

Mijn zoon, ex-schoonzoon (Saul had zijn dochter Michal, die eerst met David getrouwd was, net weer uitgehuwelijkt aan Palti; 1 Sam. 25, 44), vriend van Jonathan, de zoon van Saul… allemaal volgende generatie.

Op deze manier lijkt het een soort Oedipusverhaal te worden, de vader moet plaats maken want de volgende generatie wil de macht.

 

3.

Dat gebeurt hier nou juist niet.

Geen (schoon-)vadermoord.

Het verhaal over David die een uitgelezen kans krijgt om Saul te vermoorden wordt twee keer verteld.

Dat komt wel vaker voor in de twee Samuëlboeken, herhalingen, verschillende versies van een verhaal.

Een beetje ingewikkeld voor Bijbeluitleggers, maar ook wel weer boeiend.

Want bij zo’n herhaling zou er best eens een heel belangrijke boodschap in kunnen zitten.

En we zijn het gewend: in het Nieuwe Testament hebben we vier versies van de verhalen over Jezus.

Daarvan hebben we geleerd om goed te lezen en ons vooral af te vragen wat de uiteindelijk schrijvers van het verhaal als boodschap hebben willen doorgeven.

 

Wat in deze twee versies van het verhaal over Saul en David zo opvalt is dat David Saul niet wil doden omdat hij een Gezalfde van de Heer is.

David houdt de mannen die bij hem in de grot zitten tegen als zij Saul willen doden wanneer Saul zijn behoefte komt doen – mega kwetsbaar – in hun grot.

David verbiedt zijn compagnon Abisai om toe te slaan als ze in de slaaptent van Saul staan en hij verwijt zelfs generaal Abner dat hij zijn hoge positie niet meer waard is want hij heeft gefaald om zijn koning, de gezalfde van de Heer (!), te beschermen.

 

Dat David een moord tegenhoudt valt des te meer op omdat er verder in deze verhalen nou niet voorzichtig met levens wordt omgesprongen.

Wat een geweld en wat een slachtoffers in deze verhalen; oorlogen, buit, aanslagen…

David die met een soort bende rondtrekt en het is maar van welke kant je het bekijkt of je het een beveiligingscommando noemt of een terroristische organisatie.

Ze hadden nog geen kranten in die tijd, maar ik had de commentaren wel eens willen lezen.

Ik begrijp wel dat sommige mensen om deze reden (veel geweld in de verhalen) niet zo van het Oude Testament houden.

Het maakt het in ieder geval erg opvallend dat het thema in dit verhaal is: het sparen van het leven van de gezalfde van de Heer.

 

4.

En dat zijn er dus twee, Saul en David zijn beiden Gezalfden van de Heer.

Daarmee krijgt het verhaal een ander gezicht.

Het is niet zozeer het verhaal over een generatieconflict, maar veel meer het verhaal over ‘Een vader had twee zonen’…

En dan wordt het dus het verhaal van een broedertwist.

Dat thema kennen we als een groot Bijbels thema, bijvoorbeeld uit de verhalen over Kaïn en Abel, over Ismaël en Isaak, Jakob en Esau, over Jozef en zijn broers.

Of uit het verhaal over de spanning tussen de zussen Lea en Rachel, allebei getrouwd met Jakob.

Trouwens; Saul is een afstammeling van Benjamin, een zoon van Rachel en Jakob en David komt uit het geslacht van Juda, een zoon van Lea en Jakob.

 

In het Nieuwe Testament vertelt Jezus ook diverse verhalen over vaders die twee zonen hadden.

Over de jongste zoon die vertrok en terugkwam en de oudste die daar niet blij mee was.

Of die zoon die zei dat hij in de wijngaard zou gaan werken en het niet deed en de andere zoon die eerst weigerde maar tenslotte toch naar de wijngaard ging.

En dan het verhaal over die farizeeër en de tollenaar in de tempel: twee zonen van het volk Israël, allebei op zoek naar contact met hun vader in de hemel.

Twee kinderen van God, maar wat een afstand tussen die twee, wat een spanning.

 

5.

Rabbijn Jonathan Sacks, die een indrukwekkend boek schreef over religieus extremisme en religieus geweld, werkt in zijn boek dat thema van die broedertwist uit.

De conflicten tussen het Jodendom, het Christendom en de Islam hebben volgens hem met die broedertwist te maken.

Bij Isaak, het kind van de belofte dat uit het huwelijk van Abraham en Sara geboren wordt, en Ismaël, het kind dat uit de relatie van Abraham met zijn werkneemster Hagar wordt geboren, begint dat.

Wie zal de erfgenaam zijn van de zegen die Abraham heeft gekregen?

De zegen om zelf tot een zegen te worden?

Een groot volk te worden dat voor alle volkeren op aarde tot een zegen kan zijn?

Een zegen voor de geschiedenis…

 

Dat is de belofte, maar wat is die belofte onder geschoffeld geworden in de geschiedenis.

Juist de strijd om die zegen, de jaloezie, is de oorzaak van zoveel ellende geworden.

Christenen die Joden haatten omdat zij zichzelf als de echte erfgenamen van de zegen van Abraham beschouwden.

En later de Moslims die de Joden en de Christenen ervan beschuldigden de geschiedenis te hebben vervalst.

De enige echte erfgenaam is immers Ismaël de stamvader van de Moslims en niet Isaak, de stamvader van de Joden?

Wat een ellende heeft dat denken, die broedertwist al niet veroorzaakt!

 

Daarmee is niet gezegd dat dit denken, dat godsdienst de enige oorzaak is of is geweest van alle conflicten in de geschiedenis.

Dat is gewoon niet waar.

Maar godsdienst is wel vaak gebruikt om conflicten aan te wakkeren.

Dit denken over wie nou de echte erfgenaam van de zegen is, de meest geliefde zoon van de vader, heeft verwoestend gewerkt.

 

6.

Rabbijn Sacks legt uit dat die conflicten tussen kinderen goed begrepen kunnen worden met het denken van de denker René Girard.

Die beschrijft hoe kinderen vaak iets willen hebben alleen omdat een ander kind het ook heeft.

Als een kind nieuw speelgoed krijgt wil een ander kind dat ook, alleen maar omdat een ander kind het ook heeft.

Of ze pakken speelgoed van elkaar af, niet omdat ze er zelf op dat moment mee willen spelen, maar omdat ze niet willen hebben dat een ander kind met dat speelgoed speelt.

 

Girard noemt dat mimetisch verlangen.

Dat heeft met imitatie te maken.

Willen hebben wat iemand anders heeft en uiteindelijk willen zijn wat iemand anders is.

Waarom heb ik dit, waarom overkomt mij dit, kijk eens naar anderen, die hebben dat niet, dat klopt toch niet, dat is toch onrechtvaardig, waar heb ik dat aan verdiend, zijn zij beter dan ik?

Heb ik dan geen recht op dit of dat?

Ik doe zo mijn best…

Heeft God anderen meer lief dan mij?

 

Theologisch zitten we dan dicht bij de vraag over verkiezing en verwerping.

Als God vóór iemand kiest betekent dat dan automatisch dat iemand anders verworpen wordt, er niet meer toe doet?

Een wegwerpmens is geworden?

Zoals bij de Farizeeër in de tempel; hij staat breed vooraan beter te wezen dan die anderen.

En achteraan staat de tollenaar zich zo’n wegwerpmens te voelen.

Wat een akelige scène.

 

7.

De kern van de boodschap van Rabbijn Sacks in zijn boek over de broedertwist is nu juist dat die verhalen over conflicten tussen de broers ten diepste niet over conflicten gaan, maar over verzoening.

Dat verkiezing niet automatisch ook verwerping betekent.

Als God iemand kiest om de erfgenaam van de zegen te zijn dan betekent dat niet dat God iemand anders verwerpt.

Verkiezing betekent niet automatisch verwerping!

Verkiezing is altijd met het oog op een roeping om iets aan verzoening bij te dragen.

 

Laat je niet wijs maken dat conflict het laatste woord heeft.

Uiteindelijk begraven Isaak en Ismaël samen hun oude vader Abraham.

Uiteindelijk komen Jakob en Esau aan hun boosheid en angst voor elkaar voorbij in een verhaal over verzoening.

Uiteindelijk verzoent Jozef zich met zijn broers, met Juda en Benjamin.

 

Een vader had twee zonen… God had twee gezalfden…

Dat gaat ten diepste ook over verzoening.

 

Ze waren verwikkeld in een heftig conflict, stonden elkaar naar het leven.

Saul trok op met 3000 soldaten om de vlo David te vangen in de woestijn.

Maar David doodt Saul niet.

Want Saul is een gezalfde van de Heer, een medegezalfde, evengoed gezalfde.

Dat zul je respecteren.

 

En Saul komt zelfs zover dat hij naar David roept:

Gezegend ben je David, mijn zoon.

Je zult volbrengen wat je te doen staat, ik weet dat je het kunt.

 

Als de erkenning van de ander als een gezalfde van de Heer doordringt dan is er een weg naar verzoening mogelijk.

Bij Saul en David werkte het nog niet, daarvoor zitten ze allebei te ver in de narigheid.

Daar ga ik het volgende week over hebben aan de hand van het volgende hoofdstuk, 1 Samuël 28.

 

8.

Maar wij krijgen vandaag al wel de boodschap mee over hoe enorm krachtig het is als je de andere leert zien, blijft beschouwen als een ‘gezalfde van de Heer’.

Ook een kind van God, ook een mens.

Vande week sprak ik een vriend van mij, een psychiater die bij een landelijke denktank van de politie zit en met politiemensen nadenkt over radicalisering van moslimjongeren en de voedingsbodem voor terrorisme, ook in ons land.

Aart, zei hij, ik heb een soort missie; ik moet steeds maar weer vragen, aan mezelf en aan de anderen: hebben we die jongeren al eens goed gezien?

Zien we de mens, in alle rottigheid die ze verzinnen maar ook in alle rottigheid die hen is overkomen, in hun niet gezien worden.

Ik moest denken aan David die volhield om in Saul een gezalfde van de Heer te zien.

 

Zou het kunnen zijn dat ik, dat wij, ook anders in het leven kunnen staan dan steeds weer in de conflicthouding, in de houding van verongelijkt zijn, van jaloezie, als een kind dat zich niet gezien en niet gezegend voelt?

 

Zou de boodschap van de Gezalfde Zoon van David, Jezus, die zo’n wegwerpmens leek maar een nieuw koninkrijk bracht, zou die boodschap mij en ons anders in het leven, in onze relaties, in onze conflicten kunnen zetten?

Als ik mag horen bij de Gezalfde van de Heer, zou ik dan ook zo naar anderen kunnen gaan kijken.

En daarnaar gaan leven?

Moge dat zo zijn.

 

Amen

 

 

Afkondiging op zondag 27 oktober 2019

 

Na de inzameling van de gaven

 

De voorganger vraagt de gemeente om te gaan staan en leest de afkondiging voor

 

Op zaterdag 26 oktober is ons gemeentelid mevrouw Sarie Elly van der Ploeg-Hoek overleden op de leeftijd van 83 jaar. Heel recent kreeg Sarie gezondheidsklachten die zich ernstig aan lieten zien. Vorig weekend kwam daar een licht herseninfarct bij. Afgelopen donderdag werd Sarie uit Alrijne overgebracht naar hospice De Mare. Het verdriet voor haar man Jan, met wie zij ruim 62 jaar getrouwd was, is groot, evenals voor hun twee zonen. Het overlijden van een andere zoon is zwaar geweest in hun leven. Het geloof had voor Sarie veel aan betekenis verloren, maar voor de kerk als gemeenschap van mensen die naar elkaar omzien, heeft Sarie zich altijd volop ingezet. Als contactpersoon, als redactrice van het kerkblad OKe en ook jarenlang voor de bloemendienst bij de verjaardagen van ouderen.

Op zaterdag 2 november aanstaande is er een herdenkingsbijeenkomst in de Groene Kerk om 11.30 uur. Ds. Aart Verburg zal daarin namens spreken de PGO.

 

 

We zullen Sarie van der Ploeg-Hoek en haar familie in onze voorbeden gedenken.

 

Stilte

 

Zingen: Lied 961

 

Voorbede (voorstel; één van de intenties naast de andere voorbeden)

Wij zijn geschokt, God, door het overlijden van Sarie van der Ploeg-Hoek. Als mensen van uw gemeente, met wie zij zich zo verbonden voelde, beseffen wij dat het verdriet voor haar man Jan en hun kinderen groot is. Wij gedenken haar grote trouw en toewijding aan mensen, en danken U voor haar kritische en open geest. Wat moeite en verdriet was in haar leven is U bekend. Wij bidden om troost voor wie haar dierbaar waren en voor allen die in deze dagen om haar familie heen zullen staan.

Laat uw vrede de rust zijn waarnaar Sarie verlangde.

 

Daarom bidden wij en zingen: