We ‘dienen’ elkaar niet alleen met de concrete gaven die we geven. Dat doen we ook met onze gebeden. De diaken spreekt meestal de gebeden uit die gaan over het bijzondere collectedoel. De diaken kan ook de voorbeden doen voor bijzondere (nood)situaties, dichtbij en wereldwijd. Ook en juist in onze gebeden blijkt dat we als kerk midden in de wereld staan. De predikant kan deze voorbeden nog aanvullen met een dankgebed voor wat we in de kerkdienst of in het leven hebben ontvangen.
Er zijn ook voorbeden voor mensen die we in het bijzonder Gods nabijheid toewensen.
Om beter bij de diverse aandachtspunten (intenties) van het gebed stil te kunnen staan en ze als het ware ‘over te nemen’, wisselen we de voorbeden af met het zingen van een korte regel (acclamatie).
Er is ook een moment voor stil gebed. Daarin noemen we namen die door ons hoofd gaan, of situaties waarvoor wijzelf nog geen woorden hebben, laat staan iemand anders. God hoort wat wij met zuchten zeggen.
Al die gebeden vatten we samen als we samen het gebed bidden dat Jezus aan zijn leerlingen leerde, het ‘Onze Vader’. We kunnen dat zingen of samen hardop zeggen.